Ga naar: navigatie, zoeken

Elsevier website

Elsevierweekblad.nl (url: http://www.elsevierweekblad.nl) is een nieuws- en opiniewebsite, uitgegeven door One Business B.V.[1] De website begon op 17 november 2004. Voorgangers van Elsevier.nl waren een online webgids en de service- en opiniewebsite www.else4.nl.

Artikelen uit opinieblad Elsevier vormen de basis van de website . Abonnees van de digitale en papieren editie van Elsevier kunnen deze ‘premium-artikelen’ enkele dagen voor het verschijnen van de papieren editie van het weekblad online lezen. Daarnaast kunnen abonnees en niet-abonnees op de website terecht voor nieuwsartikelen, service-informatie en commentaren . De webredactie van Elsevier verzorgt een 24-uurs-nieuwsdienst. De hoofdredactie van Elsevier[2] is verantwoordelijk voor de inhoud van zowel de digitale als de papieren publicaties.

Andere digitale diensten van opinieblad Elsevier zijn apps voor Apple en Android die toegang geven tot de artikelen uit weekblad Elsevier en Elsevier Juist , dagelijkse en wekelijkse nieuwsbrieven , een webshop , een archief , pagina’s met uitgebreide serviceinformatie op basis van Elsevier-onderzoeken en pagina’s met gesponsorde artikelen . Elsevier heeft een pagina op Facebook , een Twitter-account (@Elsevier) en groepen op LinkedIn. Maandblad Elsevier Juist heeft een eigen website: elsevierjuist.nl.

Geschiedenis

Tot 2000

Voordat de redactie van opinieblad Elsevier zelf artikelen en pagina’s plaatste op internet[3], schreven de redacteuren artikelen over de waarde van internet voor computerliefhebbers, voor bedrijven, voor uitgevers en bovenal voor ‘gewone’ consumenten. In 1996 en 1997 verschenen de eerste uitgebreide internetgidsen en - dossiers in het weekblad met uitleg voor leken over de zin, maar zeker ook de onzin van internet. De redacteuren boden lezers feitelijke kennis over internet en lichtten nieuwe begrippen als ‘browser’, ‘e-mail’ en ‘World Wide Web’ steeds weer zorgvuldig toe[4][5][6][7][8][9][10][11].

Om lezers wegwijs te maken in het groeiende, ongestructureerde aanbod van internetpagina’s en websites publiceerde Elsevier in 1998 een webgids met 251 nuttige websites, geselecteerd door de redacteuren van Elsevier. Deze webgids verscheen ook op internet onder de url www.ebi.nl/webgids (later: www.elsevierwebgids.nl[12]). De gids verwees naar websites binnen 15 rubrieken: nieuws, sport, politiek, wonen, winkelen, wetenschap, gezondheid, werk, geld, cultuur, uitgaan, reizen, beginners, trivia en referentie. De laatste webgids verscheen in 2007, daarna publiceerde de redactie van Elsevier enkele app-gidsen.

2000 - 2004

Oprichting www.else4.nl

Volgend op de ambitie van moederconcern Reed Elsevier (nu RELX) om meer internetproducten te ontwikkelen[13], werden vanaf 1999 binnen werkmaatschappij Elsevier Business Information - de toenmalige uitgever van weekblad Elsevier - Internet Business Units (IBU’s) opgezet . Binnen deze units werden internetactiviteiten van de verschillende uitgaven gecoördineerd[14]. De IBU waarbinnen het weekblad viel, startte het project ‘Elsevier Online’ (EOL).

Elsevier Online moest een website worden voor de ‘coole’ wereld van Elsevier, een gids voor abonnees en niet-abonnees van Elsevier op internet. Omdat de wetenschappelijke tak van Reed Elsevier, Elsevier Science, de url www.elsevier.nl gebruikte, kreeg de website van Elsevier Online een url met het cijferwoord Else4: www.else4.nl.

Hoofdredacteur Arendo Joustra stelde begin 2000 een werkgroep van redacteuren samen die de hoofdredactie adviseerde over de inhoud van de website. Cap Gemini ontwikkelde een content management systeem (CMS) en bureau Fabrique verzorgde de vormgeving van de website.

Op 25 november 2000 startte www.else4.nl.

Eerste webredactie

De eerste internetredactie bestond uit Elsevier-redacteur Arjan Dasselaar (chef), Oene van der Wal , Anouk Turkenburg en Robert Stiphout. De redactie zat aan geschakelde tafels en kreeg beschikking over geavanceerde apparatuur[15].

In 2000 was een internetredacteur meer websitebeheerder dan schrijvend journalist. De redacteuren plaatsten en rubriceerden artikelen die eerder in het weekblad verschenen in het content management systeem (CMS) en verzonden elke dag voor 12 uur ’s middags een nieuwsbrief. ’s Ochtends selecteerden zij onderwerpen uit de ochtendkranten die aanleiding konden geven voor een opiniërend commentaar op de website. Voor 8 uur moesten zij deze onderwerpen telefonisch doorgeven aan de hoofdredacteur die besloot of een onderwerp al dan niet geschikt was. Goedgekeurde onderwerpen werden vervolgens doorgegeven aan de chef van een deelredactie die zijn goedkeuring moest geven om een artikel voor 11 uur te laten schrijven door een van zijn redacteuren. Een andere taak van de internetredacteur was het vinden en plaatsen van links naar nuttige websites.

Afbouwen www.else4.nl

Op 10 maart 2000 piekte de hausse rond beursgenoteerde internetbedrijven waarna de internetzeepbel in groot tempo leegliep en veel bedrijven hun internetambities terugschroefden . Zo ook Reed Elsevier. Www.else4.nl werd met een minimale bezetting, zonder eindredacteur, beeldredacteur en documenalist gelanceerd. Het idee om de Winkler Prins Encyclopedie – toentertijd een uitgave van Elsevier - aan de website te koppelen kreeg geen navolging.

Eind 2001, een jaar na de start, werd de website vanwege tegenvallende omzet afgebouwd. De internetredacteuren werden ondergebracht bij de redactie van het weekblad. De website bleef bestaan en werd een promotiewebsite voor het weekblad. Redacteur Robert Stiphout verzorgde de updates van de website en verstuurde de dagelijkse en wekelijkse nieuwsbrieven naast zijn nieuwe functie als redacteur bij de redactie Nederland.

2004 - heden

Oprichting www.elsevier.nl

In 2004 initieerde de directie van Reed Business Information een nieuwe Elsevier-website, om bij te blijven met bestaande en nieuwe concurrentie (defensieve motieven), om bestaande lezers te houden en nieuwe lezers aan te trekken en om nieuwe inkomsten te genereren (offensieve motieven). Om te voorkomen dat de plannen voor een nieuwe website voor Elsevier zouden uitlekken, gaf Lex Rozenbroek, managing director van Reed Business Nederland, het project op 14 juli 2004 codenaam ‘Free West’, naar de geplande vaste rubriek voor schrijver en columnist Leon de Winter.

Voor de inhoudelijke opzet van de nieuwe website liet de redactie zich onder meer inspireren door buitenlandse websites[16]. Arthur van Leeuwen, chef van de redactie onderzoek van Elsevier, bezocht in de Verenigde Staten de redactie van US News & World Report. Het Amerikaanse blad publiceerde (en publiceert nog steeds) net als Elsevier onderzoek naar de kwaliteit van onder meer universiteiten en hogescholen. US News & World Report had in 2004 ervaring met het digitaal ontsluiten van onderzoeksresultaten voor een groot publiek.

Om de relatie tussen het weekblad en de website te bewaken, moest de chef van de internetredactie tevens lid zijn van de hoofdredactie van Elsevier[17]. Adjunct-hoofdredacteur René van Rijckevorsel werd de eerste chef internet. In augustus 2004 verschenen advertenties voor de vacatures op de nieuwe webredactie van Elsevier[18]. Op de advertentie reageerden 300 kandidaten waarvan er 25 op gesprek mochten komen. Enkele weken voor de officiële ‘livegang’ van de website testte een team de website en begon de webredactie met het vullen van de website, onder meer met bestaande content uit het weekblad, maar ook met nieuwsberichten. Moederbedrijf Reed Elsevier gaf toestemming om de url www.elsevier.nl te gebruiken. De website werd op 17 november 2004 officieel gelanceerd. Ter promotie van de nieuwe website werd een landelijke reclamecampagne gestart

Inhoud www.elsevierweekblad.nl

Sinds het begin van elsevier.nl publiceert een webredactie eigen nieuwsartikelen op de website. De artikelen onderscheiden zich van andere nieuwsdiensten door de zakelijke benadering van de actualiteit. In de commentaren van redacteuren en opiniestukken van (gast)bloggers worden gevoelige onderwerpen niet vermeden. Denk hierbij aan het conflict tussen Israël en de Palestijnen, internationaal terrorisme, verspilling van belastinggeld en klimaatverandering. Net zoals het papieren weekblad vanaf 1945 deed, vervult de website van Elsevier drie klassieke functies van een opinieweekblad: informeren, bevestigen en verpozen. Maar de nadruk ligt op informeren. Met een ‘koel oog’.

Belangrijke bijdragen kwamen vanaf 2004 van Leon de Winter die een dagelijkse weblog bijhield onder de naam ‘Het Vrije Westen’. Later ging hij die blog afwisselend met Afshin Ellian bijhouden. Daarnaast schreven vanaf 2004 verschillende vaste commentatoren van weekblad Elsevier en externe commentatoren op de website. Bekende bloggers zijn onder anderen de Elsevier-redacteuren Syp Wynia (‘Wynia’s week’), Elisabeth Wytzes (‘Vrouw van de wereld’) en Simon Rozendaal (‘Zeker weten’).

Artikelen van de webredactie, opiniestukken en commentaren werden aanvankelijk aangevuld met nieuwsberichten van persdienst Novum voedde de website automatisch met actueel nieuws.

Artikelen werden op de eerste versie van de website ondergebracht in tien rubrieken: Nederland, Politiek, Europese Unie, Buitenland, Economie, Wetenschap, Cultuur & Televisie, Sport & Sterren en Leven & Dood. Actuele artikelen zijn verdeeld onder de rubrieken Nederland, Buitenland, Economie, Cultuur, Kennis, Stijl en Onderzoek.

Op de eerste homepage van elsevier.nl stonden actuele weersvoorspellingen en beursberichten, service-informatie, polls, quizzen en ook de webgids kreeg een plek. Voor de resultaten uit de onderzoeken van de redactie onderzoek werd een eenvoudige database-functie ingericht. In 2014 werden voor de toonaangevende onderzoeken nieuwe webpagina’s ontwikkeld naar voorbeeld van vergelijkingswebsites als tweakers.net en de pagina’s van US News & World Report. Aan de hand van interactieve kaarten, lijsten en grafieken kunnen lezers zelf gemeenten, ziekenhuizen, scholen, ziekenhuizen, klinieken, opleidingen, instellingen en andere organisaties, diensten en locaties vergelijken.

De inrichting en vormgeving van Elsevier.nl verandert regelmatig. De website werd vanaf 2004 geleidelijk overzichtelijker, eenvoudiger en meer beeldgestuurd. Van 2007 tot begin 2013 had de website een eigen videoredactie die dagelijks videoblogs verzorgde. In 2009 produceerde de webredactie samen met interviewer Martin Šimek het radioprogramma Šimek ’s Nachts dat als podcast op de site beschikbaar kwam[19]. De website had daarnaast enige jaren een actieve rubriek met servicegerichte artikelen rond het thema ‘carrière’.

Vanaf begin 2016 verschijnen de artikelen uit opinieblad Elsevier ‘Digital First’ op de website. Dat betekent dat de artikelen al enige dagen eerder op de website staan, voordat zij op papier verschijnen. Deze ‘premium’ artikelen zijn beschikbaar voor betalende abonnees en te herkennen aan de letter E met een kroontje.

Mobiele aanwezigheid

De eerste mobiele versie van Elsevier.nl verscheen in september 2007. Artikelen uit weekblad Elsevier en Elsevier Juist zijn beschikbaar via apps voor Android en iOS. Lezers kunnen een abonnement afsluiten of losse artikelen kopen.

Archief

Alle artikelen die verschenen in de titels van Elsevier zijn door abonnees te raadplegen en te downloaden in een omvangrijk online archief (archief.elsevier.nl). Het betreft artikelen uit Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift (1891-1940) (www.elseviermaandschrift.nl), Elseviers Weekblad (tijdschrift en krant), EW Elseviers Weekblad, Elseviers Magazine, Elsevier, Elsevier Stijl, Vlaamse Elsevier, Literair Supplement, Elseviriana, Elsevier Juist, Techno, De Kern, De Week en Elsevier Carrière. Artikelen zijn te raadplegen in een online tekstversie en printversie (pdf).

Reacties op de website

Elsevier faciliteerde vanaf 2000 een reactieforum op de website. Lezers konden later reacties plaatsen onder artikelen. De laatste jaren reageren lezers ook via sociale media Twitter en Facebook op artikelen.

In maart 2016 werd de mogelijkheid om te reageren op artikelen op de website tijdelijk uitgeschakeld. Plaatsvervangend hoofdredacteur René van Rijckevorsel lichtte het besluit toe op elsevier.nl: ‘Elsevier heeft sinds 2004 de mogelijkheid geboden om op artikelen te reageren. Het merendeel had geen abonnement en reageerde veilig anoniem met een nickname.’ Van Rijckevorsel: ‘De grootste lastpakken, de zogenaamde trollen, probeerden we met een IP-ban buiten te sluiten, maar die maakten dan in een handomdraai een nieuw IP-adres aan. Je vraagt je af waarmee die mensen de hele dag bezig zijn.’ Het sluiten van het reactieforum voelde volgens Van Rijckevorsel ‘alsof we na twaalf jaar strijd toch hebben verloren van de hooligans’.

Sinds augustus 2016 kunnen alleen abonnees hun reacties onder artikelen plaatsen[20][21].

Sociale media

De twitter-account van Elsevier heeft 22 maart 2017 68.500 volgers, de Facebook-pagina heeft ruim 35.500 ‘vind-ik-leuks’. De redactie van Elsevier coördineert groepen rond de onderzoeken Beste gemeenten en Beste banen op LinkedIn. Sinds 2015 publiceert Elsevier berichten en video’s, exclusief voor Facebook. Sinds 2016 heeft Elsevier een social media redacteur.

Onderzoeken

De resultaten van de toonaangevende Elsevier-onderzoeken vormen een van de pijlers van de website van Elsevier. Sinds 2014 worden de resultaten van onderzoeken als Beste scholen , Beste ziekenhuizen , Beste Klinieken , Beste banen , Beste gemeenten , Beste studies , Top-500 Bedrijven , Huizenprijzen , Top-100 Beleggingsfondsen , Wie verdient wat? , Met welke studie verdien je het meest? , Top-100 Familiebedrijven en de Moordlijst op vergelijkingspagina’s en in visualisaties gepubliceerd[22]. Zo kunnen bijvoorbeeld studiekiezers opleidingen vergelijkingen en rapporten voor alle opleidingen bekijken.

Innovatie

Vanaf de eerste webgids in 1998 besteedt opinieblad Elsevier bescheiden aandacht aan (digitale) innovatie. Nieuwe initiatieven worden doorgaaans via ‘rolling reform’ ingevoerd: lezers merken zo weinig mogelijk van veranderingen. Denk hierbij aan aanpassingen aan de vormgeving van de website of nieuwe rubrieken[23].

Elsevier experimenteert geregeld met nieuwe technieken en genres. Zo had Elsevier enige jaren een eigen videoredactie die items maakte voor de website. Sinds 2016 verzorgt Brussel-correspondent video’s met interviews met Europa-deskundigen en -politici. In maart 2015 produceerde de redactie van Elsevier exclusief voor Facebook een uitlegvideo of ‘explanimatie’ over de kosten van studeren. Na het succes van het filmpje over studiefinanciering worden regelmatig nieuwe explanimaties gepubliceerd over onder meer TTIP, belastingen, hifi, vluchtelingen en banken.

Voor de verschillende onderzoeken ontwikkelde Elsevier, onder aanvoering van onderzoeksredacteuren Arthur van Leeuwen en Ruud Deijkers, verschillende ‘tools’ waarmee lezers relevante informatie kunnen vinden, onder meer via zoekfilters, lijsten, kaarten en interactieve visualisaties.

Medewerkers van Elsevier denken actief mee over nieuwe platformen, genres, visualisaties en rubrieken. Sinds het einde van 2016 worden nieuwe, uitvoerbare initiatieven uitgedacht en getest door een groep medewerkers van One Business B.V. in het zogeheten ‘Innovation Lab’. Vanaf 2017 is het Innovation Lab ingebed in de organisatie.

Webredacteuren en (gast-)bloggers

Webredacteuren sinds 2000

Naam Functie
G.H.B. Benneker Redacteur
T. P. Borst Redacteur
W.S. van Breda Redacteur
I.C. van der Chijs Redacteur
A.J.J. Dasselaar Chef
S.C. Deira Redacteur
A.F. Dijkman Redacteur
F.M. Dormaar Video
M. Gungormez Stijl
A.J. Hankel Redacteur
E. Isitman Redacteur
G.M. Jankowiak Elsevier Money
L.M.M. van Kemenade Redacteur
R. van der Kloor Redacteur
I.M. Kolen Digital publisher
J.D. Kooistra Redacteur
E. Kossen Redacteur
S.P.P.M. van der Laan Redacteur
M.J. Langelaar Redacteur
R. Palache Video
P. Pater Webmaster
B. Peeters Redacteur
T. Reijner Redacteur
R. van Rijckevorsel Chef
C. Sander Redacteur
B.D. Schram Redacteur
F. Sijm Social media redacteur
B.L. Sommer Redacteur
H.P. van Stein Callenfels Redacteur
R.L. Stiphout Redacteur
A. Turkenburg Redacteur
F.P. van de Velde Redacteur
M. Visser Redacteur
A. E. Vossers Redacteur
M.P.M. Willems Redacteur
R. de Witt Redacteur
C.R. van Zanten Redacteur
B. Zwirs Redacteur

Selectie van (gast-)bloggers

Naam
H. Camps
M. Duyvestijn
A. Ellian
J.C. de Greef
P.E. de Hen
C. Joosten
[Joustra]
E.H. Klei
R. van der Kloor
F. Ph. Kuethe
G. Leistra
P. Lieben
L. K. Marácz
H.N. Néhmé
R. Ottervanger
P. Riezebos
R. van Rijckevorsel
S. Rozendaal
F. Sengers
V.I. Spoormaker
P. van Tijn
S. Valkenberg
L. de Winter
S. Wynia
L. Wytzes
D. Yesilgöz-Zegerius

Externe links

Bronnen, noten en/of referenties

  1. Directeur van One Business B.V. is dhr. E. van Luit
  2. De hoofdredactie van Elsevier bestaat uit dhr. J.A.S. Joustra en drs. R. van Rijckevorsel (plv. hoofdredacteur).
  3. De eerste website van opinieblad Elsevier verscheen in 1998, vijf jaar nadat het World Wilde Web beschikbaar werd voor het grote publiek. Computernetwerken bestonden al langer: op 29 oktober 1969 werd het eerste bericht via ARPANET – de voorloper van internet – verstuurd. Het World Wide Web – de belangrijkste toepassing om te communiceren op het moderne internet - werd in 1989 ontwikkeld door Tim Berners-Lee van onderzoeksorganisatie CERN
  4. Elseviers Weekblad, 19 september 1987 - ‘Het beeldscherm leent zich niet voor geleuter.’ Voor dit artikel stelde het weekblad een deskundig panel samen om het nut van e-mail te onderzoeken. Volgens redactie en panel wonnen op dat moment ‘de postzegel en de frankeermachine het nog steeds glansrijk van het computercommando “Zend”’.
  5. ESM, 8 mei 1993 - ‘Het leven na de televisie’. Het artikel behandelt één alomvattend informatienetwerk – aangejaagd door de Amerikaanse president Bill Clinton en vicepresident Al Gore - waarin televisie, uitgeverij, dataverkeer en telefonie moesten samenvloeien. ‘Gore spreekt al van de groeisector van de 21ste eeuw.’ ‘[…] de Amerikaanse omroepen en uitgeverijen hebben hun scepsis geuit. Het digitale, geïndividualiseerde verkeer zal, vrezen ze, de eeuwenoude collectieve openbaarheid overwoekeren. Het massapubliek zal verdwijnen.
  6. ESM, 1 juli 1995 - ‘Net wel of Net niet’. Over commercieel gebruik van ‘de elektronische snelweg.’
  7. ESM, 6 juli 1996 – ‘Uitgevers op Internet’. Hoe verdien je geld met digitale artikelen die grotendeels gratis worden verspreid via internet? In het artikel werd gesproken over ‘Central Station Nederland’, een elektronische knipseldienst van Nederlandse kranten via internet: Blendle avant la lettre. De dienst komt er overigens niet.
  8. ESM, 18 januari 1997 – ‘Weg met de computer!’. Een kritisch artikel van Simon Rozendaal over computers, internet, cd-roms, modems en het world wide web.
  9. ESM, 2 augustus 1997 – ‘Moet ik echt digitaal?’ Door Marcus Polman met bijdragen van Arjan Dasselaar, Lode Goukens en Jan Libbenga. Zij maakten het onderscheid tussen de betekenis van digitalisering voor de ‘whizzkids’ die spreken in ‘bits en bytes’ en de toegevoegde waarde voor de gewone consument.
  10. ESM, 14 februari 1998 – ‘De 251 beste sites op internet’.
  11. ESM, 14 juni 1997 – ‘Het einde van internet’. In 1997 citeerde freelance-journalist Arjan Dasselaar in Elsevier Prof. dr. Paul de Bra, hoogleraar informatiesystemen aan de Technische Universiteit Eindhoven: ‘Je hebt op het WWW zoekmachines die je in staat stellen om informatie te vinden, maar je moet heel goed uitkijken wat de betrouwbaarheid van die informatie is. Kwalitatief goede informatie en verzinsels van middelbare scholieren staan naast elkaar. Dat maakt dat de huidige media, misschien in een elektronische vorm, zullen blijven bestaan, omdat ze een filterfunctie hebben.’
  12. Webgids via Wayback Machine: https://web.archive.org/web/19980415152345/http://www.ebi.nl/webgids/
  13. Reed Elsevier Annual Review & Summary Financial Statements 1999
  14. Om de betrokkenheid van medewerkers met internet te vergroten, worden onder meer business unit borrels georganiseerd, schreef stagiair Annemiek Ooteman in 2000 in haar scriptie.
  15. Op 22 september 2000 werd een Sony Cyber-shot digitale camera aangeschaft voor bijna 2.500 gulden. De camera kon slechts enkele foto’s opslaan en het ‘wegschrijven’ van een foto duurt ongeveer 40 seconden.
  16. Redacteur Robert Stiphout analyseerde onder meer de websites van Time, Newsweek, Focus, Der Spiegel, The Economist, L’Express, Knack en Nyhedsmagasin.
  17. Dit was enkele jaren eerder een van de aanbevelingen in ‘Elsevier digitaal – een studie naar digitalisering van het weekblad Elsevier’, de scriptie van A. Ooteman (26 mei 2000).
  18. Met het plaatsen van de advertenties maakte Elsevier bovendien bekend dat het werkte aan een nieuwe website.
  19. NRC.nl, 15 april 2009 'De wedergeboorte van Martin Šimek'
  20. http://www.elsevier.nl/nederland/article/2016/03/waarom-u-niet-meer-kunt-reageren-op-onze-artikelen-275894/
  21. http://www.elsevier.nl/nederland/achtergrond/2016/08/het-is-weer-mogelijk-om-op-artikelen-te-reageren-342497/
  22. Alle actuele onderzoeken staan op http://www.elsevierweekblad.nl/dossier/elsevierweekblad-onderzoeken/
  23. Lees hier meer over in het boek ‘Meer dan een weekblad’ van G.A. van der List (2005).