Ga naar: navigatie, zoeken

Top Naeff

Anthonetta van Rhijn-Naeff

Sjabloon:Infobox/breedtepx
Functie: Hoofdredacteur
Periode: 1937 tot 1939
Voornaam: Anthonetta
Achternaam: van Rhijn-Naeff
Geboortedatum: 24 maart 1878
Geboorteplaats: Dordrecht
Overleden op: 22 april 1953
Overleden te : Dordrecht

Anthonetta van Rhijn-Naeff, geboren op 24 maart 1878 in Dordrecht, overleden op 22 april 1953 in Dordrecht. Naeff is hoofdredacteur van Elsevier’s van 1937 tot 1939.

Romancière Anthonetta Naeff – haar grootmoeder noemde haar ‘Top’ – is al een gevierd schrijfster als ze toetreedt tot de redactie van Elsevier ’s. Eerder was ze lange tijd, van 1914 tot 1930, als toneelcriticus verbonden aan De Groene Amsterdammer. Bij Elsevier’s krijgt ze in 1937 de moeilijke opdracht de plaats in te nemen van de dat jaar plotseling overleden Herman Robbers, die niet alleen de hoofdredacteur, maar ook de literatuurcriticus van het blad was. Het was Robbers’ uitdrukkelijke wens dat zij hem zou ver- vangen. Zij is ook degene die de rede uitspreekt bij zijn begrafenis. Ruim twee jaar vervult zij een leidende rol bij het blad. Niet alleen als beoordelaar van ingezonden en verworven literaire bijdragen, maar ook als auteur van veelal bondige boek- besprekingen.

In de herfst van 1939 laat ze weten haar functie te willen neerleggen omdat ze meer tijd wil hebben voor haar eigen werk. Uiteraard blijft ze als medewerker aan het blad verbonden. Dat hoeft niet te verbazen, haar eerste bijdrage verscheen immers al in 1903 in het blad. Haar functie van redacteur wordt overgenomen door Johannes Tielrooy.

Naeff is lang bekend gebleven als auteur van de ‘meisjesroman’ Schoolidyllen uit 1900, die zeer goede kritieken kreeg en nog steeds wordt herdrukt. Het boek vertelt het aangrijpende verhaal van het weesmeisje Jet van Marle, dat wordt dwarsgezeten door haar oom en tante en gefrustreerd de klas op stelten zet, maar op zeventienjarige leeftijd sterft aan een verwaarloosde verkoudheid.

Het beeld dat Naeff louter een schrijfster van meisjesboeken en ‘ burgerlijke’ damesromans zou zijn, nuanceert haar biograaf Gé Vaartjes in 2010 in de uitvoerige levensbeschrijving Rebel & dame. Biografie van Top Naeff. Daarin toont hij ook aan dat uiteenlopende auteurs als Marcellus Emants, F. Bordewijk, Cees Buddingh’ en Anna Blaman haar werk bewonderden. Menno ter Braak roemde in 1936 haar ‘superieure ironie’. Die maakte haar volgens hem ‘tot een schrijfster van formaat’ op een geheel ander plan ‘dan welke harer vrouwelijke collega’s van haar generatie ook’.